|
zeker & zelfstandig blijven |
(ver-)Zeker sparen
dit verhaal is een vervolg op deze pagina
Over winst delen en hoe je simpel het aanbod narekent
De andere methode van winstdeling is nogal divers, het kan gaan om:
- maatschappij winst , sommige of alle winstbronnen worden geteld
- rente winst, alleen de beleggingswinst op rente wordt geteld
- het aanvullende winstdeel wordt belegd
- er wordt een koppeling gelegd met staatsleningen e.d.
- aan de hand van de vorige wordt een garantie gegeven
- combinaties van alle hiervoor genoemde
En dan gaat het om de rente-/ beleggingswinst boven de al in het verzekerings- tarief berekende garantie- of rekenrente. Tegenwoordig in de meeste gevallen 3%, maar voor wat oudere polissen geldt nog 4%.
Overigens kort na Wereldoorlog II werd er nog met 2, 2 ½ en 3 gewerkt, dus eigenlijk zijn we weer terug bij af.
Winst op basis van Staatslening rendement
Omdat bij sommige verzekeraars in het verleden de winstrendementen nou niet geheel
helder waren, zocht men naar methoden om dit iets inzichtelijker te maken. Men kwam op de oplossing om aansluiting te zoeken bij het rendement van een pakket Staatsleningen.
Bij die StaatsLeningenwinst is iets grappigs aan de hand :
aan de hoofdletters hier kunt u zien, waarom men begonnen is om dit systeem het SL- rendement te noemen. Een verzameling staatsleningen, die moest voldoen aan bepaalde criteria van verhandelbaarheid, resterende looptijd, combinatie met langlopende etc.
Staatslening of Taatslening?
Er kwam waarschijnlijk een gevoel van "dit kan niet goed gaan" over de direkties, want al ras werd in 1979 het TL-systeem geïntroduceerd. TL? Nou gewoon, de T kwam en komt nog steeds na de S, vandaar.
Bij de samenstelling van dit nieuwe pakket zat het niet mee, tegen de verwachting in, gingen de rendementen omhoog en vermoedelijk was dat niet de bedoeling. Remedie voor deze lastige kwaal : introductie van het UL-systeem. UL? Nou gewoon, de U komt wel eens na de T. Meestal worden deze systemen eerst in de collectieve pensioenen sfeer toegepast, naderhand ook voor de individuele polissen.
Een klein overzichtje met afgeronde cijfers:
| jaar | SL | TL | UL |
| 1974 | 9,9 | ||
| 1975 | 8,6 | ||
| 1976 | 9,1 | ||
| 1977 | 7,3 | ||
| 1978 | 7,3 | ||
| 1979 | 7,9 | 8,6 | |
| 1980 | 8,3 | 9,9 | |
| 1981 | 10,1 | 11,3 | |
| 1982 | 7,5 | 10,6 | |
| 1983 | 6,5 | 8,3 | |
| 1984 | 6,1 | 8,2 | |
| 1985 | 6,1 | 7,4 | |
| 1986 | 6,1 | 6,4 | |
| 1987 | 6,3 | ||
| 1988 | 6,3 | ||
| 1989 | 6,9 | ||
| 1990 | 8,6 | ||
| 1991 | 8,8 | ||
| 1992 | 8,3 | ||
| 1993 | 6,8 | ||
| 1994 | 6,5 | ||
| 1995 | 7,2 | 6,9 | |
| 1996 | 6,3 | 5,9 | |
| 1997 | 5,7 | 5,3 | |
| 1998 | 5,0 | 4,7 | |
| 1999 | 4,5 | 4,1 | |
| 2000 | 5,5 | 5,3 | |
| 2001 | 5,1 | 4,9 | |
| 2002 | 5,0 | 4,8 | |
| 2003 | 4,0 | 3,8 | |
| 2004 | 3,8 | 3,9 |
Je moet er toch niet aan denken, dat ze weer een nieuw systeem bedenken, wat wordt dat dan, na de U, inderdaad zou dat dan het V-systeem worden, met toebetalen ipv krijgen. Is natuurlijk een beetje kort door de bocht, maar de cijfers stemmen niet tot vreugde.
Hoe moet je deze cijfers nu interpreteren?
Het totaal-rendement is stel 8%. Stel dat in de polis al 4% ( nu 3%) is verwerkt, dan is er nog 4% te verdelen. Sommige verzekeraars hadden als stelregel, dat zij voor de kosten van belegging en administratie 0,5% inhielden, anderen rekenden met 20% van het verschil, 20% van 4% ofwel 1/5 deel is 0,8%. Degene die genoegen nam met 0,5% gaf aan winst dus 4 minus 0,5 is 3,5% winst door aan de klant/verzekeringnemer, de ander gaf dan 4 minus 0,8% door aan de klant.
Waren er ook nog verzekeraars die zich durfden vast te leggen op het Gegarandeerd Staatsleningenrendement, zich er dus onverkort aan zouden houden, andere gingen niet zover volgden in principe dit rendement. Konden zich dus verschuilen achter "goede tijden - slechte tijden".
In de jaren '70 kon je nog wel zeggen, dat wanneer het aandelenrendement structureel hoog stond, het staatsleningenrendement laag zou zijn en andersom. Dat werkt al een tijdje niet meer. Evenmin het vastgoed versus hypotheekrendement, toch al onvergelijkbaar, is nu ook niet makkelijk in te schatten.
Geldt wat je kort leent, zou goedkoop moeten zijn, geld wat je lang leent duurder, nee , dat zie je verkeerd, soms staat ook dit op zijn kop.
Weg met de maatschappij winst, lang leve de externe of interne aandelenfondsen
Iets van die onzekerheid - afgezien van de lage rendementen - èn het feit, dat verzekeraars via vergelijkingen werden afgerekend op de winstgevendheid richting klant, betekende een vlucht in de fondsen. Dan was het niet meer de verzekeraar die de beschuldigende vinger naar zich kreeg gewezen, maar het fonds of de fondsbeheerder. Allemaal met de introductie van het Universal Life idee met toevoeging van de term Unit Linked. Het laatste is hierboven al verklaard, het eerste een doodgeboren kind. Dat is straffe taal, nietwaar?
Het idee erachter was, dat je op ieder moment in je leven een verzekering naar je
omstandigheden zou moeten kunnen aanpassen. Dat kan ook wel, maar wil je dat goed doen, moet er waarde in zitten en dat bereik je alleen door aan een kapitaal bij in leven zijn, een kapitaal bij eerder overlijden te koppelen. Kijk en dat is nou lastig : naarmate men ouder wordt, worden de overlijdenskansen groter, de prijs voor dat produkt dus hoger, het rendement wordt korter lopend, dus dat vergoedt ook steeds minder, al met al, naarmate de jaren verstrijken zullen er weinig aanpassingen aan de polis plaatsvinden, anders dan met heel weinig overlijdensdekking. En veel klanten hebben daar de konsekwentie nog steeds niet van begrepen.
En ik heb niet begrepen dat de kosten uiteindelijk lager zijn geworden, wel is op dat
punt voor de leek een ogenschijnlijke duidelijkheid gecreëerd, maar omhuld met
zoveel mitsen en maren, mist en witte wieven, dat we niet echt iets opgeschoten zijn.
Voor de verzekeraar wel : want die kan nu veel meer de kosten van ogenblik actualiseren en is minder gebonden aan de voorgecalculeerde kosten van het verleden.
Overigens niet direkt een eigen uitvinding, dat Universal Life en Unit Linked.......
verzekeraars en hun direkties komen nog wel eens over de grens, in de engelstalige
landstreken zoals Engeland en Amerika was dit al lang gemeengoed. En wat van over de
grens komt is "lekker" toch?
Het aandeel of een participatie daarvan
Moet je dan al je ziel en zaligheid verkopen aan fondsen in aandelen of wat dan ook? Gekscherend kon je in het verleden wijzen op de successen van de aandelen DAF, bestaat in de oude vorm niet meer, aandelen Fokker, onfraai opgedeeld, en noem maar op. En actueel, zelfs Shell is even z'n olie kwijt.
Via tabellen zoals in het Elsevier Magazine kun je fraaie lijsten zien van prestaties. Ook daarin , dus in het maken van die lijsten, zijn ze meen ik al aan het derde systeem bezig, zo eenvoudig is de materie.
Kun je dat over een heel lange periode volgen, dan heb je daar iets aan. Maar voordat de volgende 5 jaar om is, zijn de goed presterende aandelen opgesplitst en zien we ineens andere waarden. De trendwatchers van de aandelen zijn toen op het idee gekomen van het sektorbeleggen, je belegt niet meer in aandelen Yukos om zo maar iets te noemen , maar alleen in olie, alleen in groeimarkten, alleen in noem het maar, of je maakt er een combinatie van. Met allerlei technische grafieken, net zo betrouwbaar als de voorspellers van het weer.
Overigens, een aandeel kan soms in de papieren lopen, en dan zie je weer een voordeel
van fondsen, je koopt dan een stukje van het fonds, een participatie, en dan kun je ook met kleinere bedragen toch beleggen in aandelen. Logisch dat dàt wel iets meer moet kosten. Ho, participatie, aandeel : kijk daar hebben we dus ook de eenheid ofwel de "unit" te pakken.
Dit moet niet negatief opgevat worden, al lijkt het zo. Schrijver dezes belegt ook in fondsjes, al was het maar om bij te blijven en de sport om toch een beter resultaat te bereiken dan de spaarrekening bij de banken. Niettemin, het vlekkeloze vertrouwen in de winstcapaciteit van verzekering- maatschappijen is in de afgelopen jaren sterk afgenomen, niet in het minst door de verhalen in de pers en door de toezichthouders en de clubs zelf aangegeven, dat hun offerte-programmatuur niet goed heeft gewerkt.
Niet meer doen dan?
Wel, maar anders : het produkt blijft een funktie houden, maar let goed op wat je doet. Laat je aanbiedende partij aantonen wat hij/zij beweert, vóór je tot iets overgaat. Papier is geduldig, dus denk er ook nog even bij na.
Last but not least voor wat betreft fondsen en aandelen
Op de lange termijn zullen beleggingen in aandelen of indirect via aandelenfondsen méér opbrengen dan sparen. De meeste verzekeraars die - toen ze nog zelf het beheer deden - in aandelen en obligaties belegden, gaven de winstdeling door aan de klant op basis van de opbrengst, dividend en zo, rentecoupons.
Niet het rendement op aankoop en verkoop. Simpel, over het algemeen heerste de mening, houdt een niet goed presterend aandeel zo lang mogelijk vast , anders moet je het verlies ook nog weer goed maken, en houdt een goed presterend aandeel zo lang mogelijk vast, want
waar vind je weer een ander goed presterend aandeel tegen een acceptabele prijs. Dus
relatief weinig boekwinst, dus ook weinig om door te geven.
Nog altijd blijft ieder zitten met de goede vraag, wanneer stap je in en wanneer ga je verkopen.
De enige methode is , koop een aandeel op basis van een goed gevormd oordeel, bereken een rendement wat je wilt maken; heeft het fonds of het aandeel die waarde inklusief kostenverrekening gemaakt, verkoop het dan.
De vraag, waar vind je dan het nieuwe aandeel : zolang het oude
nog niet verkocht is heb je alle tijd om onderzoek te doen, èn te bepalen of en in hoeverre je een bepaald risiko kunt en wilt dragen om een behoorlijk rendement te pakken. Zie in dit verband het verhaal over de beleggingshorizon en het beleggingsprofiel.
Zie de pagina beleggen in de kolom links.
En integreer je aandelen ofwel fondsen daarin in je verzekering, op de lange termijn en dan moet je echt denken aan 20 tot 30 jaar, zal het rendement tussen de 10 tot 12 % netto , dus na aftrek van alle kosten, kùnnen zijn, het dito rendement op een mix van staatsleningen, semie-overheid en nutsbedrijven, rond de 8%. Heb je dus de tijd, dan is de eerste best wel aantrekkelijk. Krijg je een aanzienlijk hoger rendement voorgeschoteld, dan is de kans groot dat òf er iets met de offerteprogrammatuur aan de hand is, òf het optimisme aan verkoperskant heeft onlangs een te forse facelift ondergaan.
Natuurlijk zijn er hogere rendementen mogelijk , maar dan zijn de risico' ook hoger en dan past het dus niet bij "zeker sparen" maar ergens tussen 'echt beleggen' en gokken. Dat laatste kan ook leuk zijn, maar is een andere tak van sport.
Zekerheid
Er is een belangrijk aspekt : bij de zeg maar orthodoxe verzekeringsvormen en winstdeling is altijd het tot dat moment geldende bedrag van de winst beschikbaar, het wordt zoals dat heet bijgeschreven op de polis, je kan het niet kwijtraken.
Een beleggingswinst of beleggingsverzekering kan weliswaar meer opleveren, maar is te allen tijde afhankelijk van de koerswaarde van het moment van uitkeren/opvragen.
En dat moment is niet altijd ook het beste moment om uit beleggingen te stappen.
zelf rekenen en eigen verantwoordelijkheid
Al eerder is aan de orde gekomen, dat verzekering-maatschappijen standaard in hun tarieven 3% rekenrente verwerken. Het volgende moet je dan even zien als een aanname : immers we willen niet zelf voor actuaris ( verzekerings-rekenmeester ) spelen, dus we laten even de effecten van leven of niet leven buiten beschouwing, in ieder geval tussentijds!
we maken hierna even gebruik van pagina's van de dochter- website : www.financiele-coach.nl :
Iemand biedt aan : een uitkering bij in leven zijn van de verzekerde op de einddatum en die ligt nu 30 jaar later. Dat bedrag komt dan op de polis en is gegarandeerd. Eventuele winst komt daarbij.
Stel deze eindwaarde wordt op € 20.000 gesteld.
Je weet nu 3 van de 4 benodigde getallen om de 4e, de maandelijkse inleg puur aan spaargeld uit te rekenen. Ga je nu naar deze pagina
calculator inleg
en je voert
in de genoemde waarden van 30 jaar ( wordt automatisch naar maanden omgerekend ) 3% rente, wordt automatisch naar maandbasis vertaald, en de eindwaarde van € 20.000.
Dat zal ongeveer € 34.24 opleveren netto spaarinleg sec per maand.
Het is niet de bedoeling om op punten en komma's te letten, want elke verzekeraar heeft zo z'n syteem van per jaar berekenen met een verrekening naar maandbasis, of zoals met Universal Life men inderdaad stelt dat er berekend wordt op maandbasis.
Dus voor het verhaal nu even afronden op € 35.= per maand. ( overigens
wanneer je de ontbrekende 76 eurocent op 3% en 30 jaar wegzet , levert dat zo'n
198 euro op, bekeken op 20.000 praten we nergens over.
Nu even verder en dan pak je deze pagina onbekende rente calculator
en daar voeren we de volgende voorbeeld-cijfers in :
termijnen 30 jaar , investering per maand 35 en een eindwaarde van 80.000 , vervolgens druk je op "Bereken nù" en je zult zien dat je dan een rente - rendement moet maken van 10% . Heeft je gesprekspartner je een voorstel gedaan op basis van maatschappij-winstdeling of staatsleningenrendement UL , zou ik persoonlijk graag zien dat de verkoper in kwestie z'n woorden wat straffer onderbouwt.
En nog één: zet met dezelfde waarden van looptijd en inleg, de eindwaarde op € 150.000 , zul je een rentevoet tegenkomen van 12,8% , een fonds met een goed presterend aandelenpakket wereldwijd zou dat wellicht best wel kunnen maken. Maar weet wel, dat beleggingen in aandelen sec aanzienlijk meer risico in zich heeft dan obligaties of een mix tussen beiden.
De verkopende partij zal dit tegenwoordig zorgvuldig aan je moeten vragen conform de
wet WFD, maar enige zelf-inschatting over wat je graag zou willen hebben en welk risiko je zelf bereid bent om te dragen kan geen kwaad. Zie de pagina "beleggen" in de rubriek "Sparen (lijf-)rente" voor het beleggingsprofiel.
Tot zover een rekensom over de eindwaarde aan het eind van de rit, besef wel dat dit nog steeds sparen is in de verzekeringsvorm, met zeker tussentijds verschillen, is ook afhankelijk van de aanvangs-acceptatie obv overlijdensrisiko, is afhankelijk van de kosten, is afhankelijk van de risikopremie en eventueel invaliditeitspremie. Ook afhankelijk van de grootte van je inleg. Globaal echter kun je met deze methodiek uit de voeten ter controle van de aanbieding. Tussentijds kan de waarde zo'n 5 - 10% afwijken van standaard sparen, helemaal kun je daar geen staat op
maken, omdat het zelden voorkomt, dat een bepaald rendement 30 jaar vast staat. Dat maakt het dan ook hachelijk om tussentijdse waarden vast te leggen. Het gaat om gemiddelden.
Een rendement op aandelen kan ook echt wel een keer op meer dan 50% uitkomen in de plus, maar daar staan dan ook weer een aantal forse min-rendementen tegenover. All in the game.
top pagina
